WILLEMSTAD (ANP) - Curaçao, Aruba en Bonaire moeten harde keuzes maken op het gebied van toerisme. De eilanden hebben de afgelopen jaren een forse groei van het aantal bezoekers gezien. Maar de groei heeft nadelige gevolgen voor onder andere het milieu en de leefbaarheid. Dat zegt oud-minister en financieel toezichthouder Hans Hoogervorst.
Op Curaçao zijn de gevolgen van de groei van het toerisme duidelijk zichtbaar, onder meer op de demografie (door de inzet van buitenlandse krachten), de natuur en het wegennet. "Curaçao heeft hoge bezettingscijfers van de hotelkamers, maar is redelijk goedkoop. Durf te kiezen voor toeristen die meer uitgeven, zodat het toerisme meer oplevert. In het verleden kregen hotels fiscale voordelen, het is nu tijd om daar kritisch naar te kijken en deels in te trekken."
Als huidige voorzitter van de colleges financieel toezicht roept Hoogervorst de ABC-eilanden op de ontwikkeling van het toerisme beter te sturen. In de afgelopen dagen bracht hij een bezoek aan de eilanden. "Tijdens de coronaperiode was er sprake van een enorme crisis door het wegvallen van het toerisme. De laatste jaren zijn er indrukwekkende groeicijfers te zien en maken de eilanden een gunstige economische ontwikkeling door", aldus Hoogervorst. "Het is duidelijk dat het beleid niet aan de private sector moet worden overgelaten. De regeringen moeten sturen, om de eilanden leefbaar te houden."
Wat Aruba betreft zijn volgens hem de grenzen aan de groei voelbaar. "Sturen op meer bezoekers vergroot de druk van toerisme op het land verder, terwijl sturen op waarde per bezoeker en diversificatie van de economie het gat tussen toeristische groei en welvaartsgroei kan dichten", zo stelt hij namens de Cft, een onafhankelijk orgaan dat toezicht houdt op de deugdelijkheid van de overheidsfinanciën in het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden.
Hoogervorst is per 1 februari 2026 voorzitter van de Colleges financieel toezicht (Cft) van de Nederlands-Caribische eilanden. De VVD'er was tussen 2002 en 2007 minister in de kabinetten Balkenende I, II en III.